Posts tonen met het label Proza. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Proza. Alle posts tonen

14 november 2014

Zomerpaleis

De superstrada naar het westen is een tijdmachine die ons, met elke kilometer die onder ons verglijdt, een extra jaar terugvoert in de geschiedenis. We laten jarenlange technische vooruitgang en economische ontwikkeling achter. Genietend van het heuvelachtige landschap dat als een slordig opgemaakt bed ons omringt, laten we ons meevoeren naar een plek waar tijd nooit is gepromoveerd tot leidinggevende.  De straten worden steeds smaller, onze ogen zoeken de horizon af totdat we in de verte het silhouet van Grádoli gewaarworden. Een plaatje dat uit een luxe tijdschrift over ‘la bella Italia’  lijkt gescheurd en speciaal voor ons in het landschap is geplakt.

Hier komen mannen na een ochtend hard werken thuis om hun vrouwen te bedwelmen met de geur van vers zweet. De vrouwen gaan op hun beurt de strijd aan door de heerlijkste geuren uit hun keuken te toveren. Op tafel staat de oogst van noeste arbeid op het land. Pastasaus volgens het familierecept met tomaten waarin je de zon kunt proeven. Olijfolie uit eigen gaard, zo fruitig dat het een oud stukje brood transformeert in een delicatesse. En ingemaakte lekkernijen waarvan een rivier van water in je mond loopt. Een boerenmaaltijd, simpel en eenvoudig, maar met zoveel zorg en liefde bereid.

Op zondag zit de kerk vol met mensen die nog waarde hechten aan traditie en die door hun dagelijkse verbondenheid met de natuur zich afhankelijk voelen van Moeder Aarde. Het is een dorpje dat trots is op hun patroonheilige, Maria Magdalena, die hier al eeuwen lang diep in de harten van de mensen aanwezig is. Want ooit stond hier een kasteel dat gebouwd is door Matilda di Canossa, waarvan wordt beweerd dat ze een nazaat is van Jezus en Maria Magdalena.

Net buiten het dorp komen we thuis.  Omringd door de grootsheid van de stilte, met overdag de rijkdom van de zon en ’s nachts de grandeur van de maan en de sterren, genietend van de overvloedige schoot van Moeder Aarde, bouwen wij ons zomerpaleis.


9 november 2014

Lieve Kitty

Woensdag 29 maart 1944

Lieve Kitty,

Gisteravond sprak minister Bolkesteyn voor de Oranje-zender erover, dat er na de oorlog een inzameling van dagboeken en brieven van deze oorlog zou worden gehouden. Natuurlijk stormden ze allemaal direct op mijn dagboek af. Stel je eens voor hoe interessant het zou zijn, als ik een roman van het Achterhuis uit zou geven. Aan de titel alleen zouden de mensen denken, dat het een detectiveroman was.

Met het opwindende idee van een eigen roman viel ik later die avond in een onrustige slaap. Ik schrok wakker uit een vreemde droom toen het nog pikdonker was. En waar ik meestal mijn dromen gelijk vergeten ben, stond me deze droom nog helder voor ogen. Ik zal proberen het zo nauwkeurig mogelijk op te schrijven.

Er was kennelijk iets veranderd aan de situatie buiten, want Peter en ik zaten niet zoals nu in het achterhuis, maar liepen samen over de prinsengracht. De zon scheen en we genoten van een kaneelstok die we zojuist bij de kruidenier op de hoek hadden gekocht. Het leek alsof er helemaal geen oorlog meer was. Maar ineens veranderde de wereld om ons heen. De zon verdween achter dikke wolken en het luchtalarm begon te loeien. In de verte hoorden we het angstaanjagende geluid van Duitse bommenwerpers. Peter trok me aan mijn mouw mee naar een portiek om te schuilen. Het bleek de entree van een boekhandel te zijn.

Ik rook de geur van nieuwe boeken en kon het niet laten om Peter mee naar binnen te trekken. Eenmaal binnen zag ik een grote ruimte met meer boeken dan ik ooit bij elkaar had gezien. Langs de wanden stonden meterslange kasten met gekleurde ruggen en in het midden stonden tafels met daarop stapels boeken met felgekleurde omslagen, waarvan de meeste zeer realistische afbeeldingen hadden. Ik liep naar de afdeling waar met grote letters ‘literatuur’ boven de kasten geschreven stond. Zorgvuldig gleed mijn vinger langs de boeken totdat ik het zag staan: ‘Het Achterhuis, dagboeken van Anne Frank’. Mijn hart maakte een sprongetje van geluk. Maar nog voordat ik het kon openslaan werd mijn aandacht getrokken door het boek dat direct naast de mijne stond. Het boek was omringd door een stralende gloed en ik moest het wel pakken. Op het kaft prijkte de titel ‘Chiara’s Droom’. Ik drukte het tegen mijn hart en wist zonder het gelezen te hebben precies waar dit boek over ging. Het ging over een meisje dat leefde in de Middeleeuwen en dat helemaal vrij was, zo vrij als een vogel. Dit meisje vluchtte vanuit die vrijheid naar een plek waar ze de rest van haar leven opgesloten zou blijven. En pas daar werd ze werkelijk gelukkig. Het was de omgekeerde wereld.

Toen werd ik wakker met een diep besef dat het niets uitmaakt dat we hier in het Achterhuis opgesloten zitten. Want iedereen die bang, eenzaam of ongelukkig is, kan het beste naar buiten gaan, naar een plek waar hij helemaal alleen is, alleen met de hemel, de natuur en God. Want pas dan voelt men dat alles is zoals het moet zijn en dat God ons in de eenvoudige, maar mooie natuur gelukkig wil zien. En als men niet daadwerkelijk de natuur in kan omdat de buitenwereld levensgevaarlijk is, dan is onze verbeeldingskracht minstens zo effectief. Want echte vrijheid zit diep van binnen.

Je Anne

21 maart 2014

Letterbak

Grote schrijvers pieken gemiddeld rond hun 44e jaar, zo heeft de Rotterdamse hoogleraar toegepaste econometrie Philips Hans Franses berekend. Bij het lezen van dit bericht slaak ik een zucht van verlichting: dan heb ik dus nog 5 jaar om mijn bestseller te schrijven. In vijf jaar kan er veel gebeuren, want vijf jaar geleden was ik zwanger van de grootste boef van de wereld en zwanger van een geweldig idee voor een nieuw bedrijf. Na jaren in de knop te hebben gezeten vond ik het de hoogste tijd om te ontluiken: zowel lichamelijk als geestelijk. En de natuur gaf gehoor aan mijn wens. Mij niet realiserende dat een eeuwigdurende lente een utopie is, deed ik mijn uiterste best om een zorgzame moeder, creatieve zakenpartner, liefdevolle echtgenoot, actief vrijwilliger en gezellige vriendin te zijn. Een verzengende zomer volgde waarin slaap het grootste gebrek bleek. Maar ach, ik had toch een geweldig leven.

14 maart 2014

Wereldvreemd

Ik had het kunnen weten. Sinds mijn debuut te vinden is in de AKO top 10 is er geen ontkomen meer aan. Vanaf nu ben ik een echte schrijver. Toch schrok ik me kapot toen ik twee weken geleden een uitnodiging in de brievenbus vond voor het boekenbal. HET BOEKENBAL, dat feest voor ingewijden. Het intieme samenzijn van de crème de la crème in schrijversland. Ook ik was officieel uitgenodigd. Toch riep de uitnodiging een emotie op die je eerder verwacht bij een rouwkaart. Dit is het einde dacht ik bij mezelf. Het einde van een leven in de anonimiteit. Mijn leven als beginnend schrijver is over. Vanaf nu doet het er niet meer toe wie ik werkelijk ben en wat ik het liefste doe, maar bepaald de lezer wie ik ben en de uitgever wat ik doe. Er is geen ontkomen meer aan. Ik hoor mijn brein alle mogelijke opties bedenken die ik kan aanvoeren om niet te gaan. Ik pas niet in die wereld. Ik ben niet zoals zij. Ik houd niet van uiterlijk vertoon. Ik pak de kaart en plak hem met een magneet op de koelkast, alsof ik hem tijdelijk parkeer om er later een beslissing over te nemen.

3 december 2013

Schrijversgeluk

Het is de ergste nachtmerrie van een schrijver: er achter komen dat een deel van wat je geschreven hebt, is verdwenen in het digitale luchtledige. In blinde paniek probeer ik de zoekgeraakte bestanden te traceren, maar tot mijn grote ergernis blijkt de automatische back-up niet zo betrouwbaar als ik dacht.

Adem in, adem uit. Ik probeer mezelf gerust te stellen en te kalmeren met bemoedigende woorden en hoopvolle gedachtes. Als het dan weg is, dan was het vast nog niet goed genoeg en is dit een kans om een nog mooier of beter einde te schrijven. En als het dan de bedoeling is dat ik het opnieuw schrijf, dan ben ik heel nieuwsgierig naar wat mijn muzen voor mij in petto hebben. Wonder boven wonder val ik die avond gewoon in slaap. De volgende morgen blijkt de nachtmerrie werkelijkheid.

6 november 2013

Jeugdherinnering



Het Schoolreisje

Met een klap slaat de laatste deur van de auto dicht. Ik zit middenin op de achterbank met drie andere kinderen. Achter in de kattenbak zitten er nog drie en voorin mag Jos zitten, omdat hij de grootste is. Ik ben blij dat ik tussen de voorstoelen door nog wat kan zien, want ik wordt altijd zo misselijk van autorijden. Iedereen zit opgewonden door elkaar te praten. Ik stop mijn duim in mijn mond, friemel een beetje aan de knopen van mijn groene jas en laat het allemaal langs me heen gaan.

30 maart 2013

Diepbedroefde moeder (The Passion deel 6)


Ze was erbij. Ze heeft het allemaal gezien. Hoe ze hem door de stad lieten lopen met een kruis op zijn rug. Hoe ze hem bespotten en met een kroon van doornen kroonden. Hoe ze hem een purperen mantel aandeden en dobbelden om zijn kleren. Hoe ze lachten toen ze een bordje op zijn kruis hingen met de tekst: Dit is Jezus, de koning van de Joden. Hoe ze zijn handen en enkels doorboorden met spijkers en hem, hoog boven de menigte, ophingen om te sterven. Haar zoon, haar kind. Tranen lopen over haar wangen. Verslagen is ze, alsof ze zelf door het zwaard geraakt is. Daar hangt hij, zijn hoofd gebogen, zijn lichaam levenloos. 

29 maart 2013

Kruisiging (The Passion deel 5)

Als ze de tuin verlaten verstommen hun stemmen. Bang zijn ze, om op te vallen in de straten. Bang dat ook zij zullen worden opgepakt. In de verte steken de torens van het paleis hoog boven de huizen uit. Daar in het paleis huist ook de rechtbank. Bij het paleis aangekomen, stelt Petrus voor dat hij naar binnen gaat om poolshoogte te nemen. Hij loopt door de hoge poort de binnenplaats op. Het is er een drukte van belang. Er zijn kennelijk al veel mensen afgekomen op de reuring rond Jezus. Dit soort nieuws gaat altijd als een lopend vuurtje door de stad. Er zitten verschillende groepjes mannen op de grond. In het midden staat een waterput met daaromheen wat stenen. Daar gaat Petrus zitten tussen de knechten, zodat hij niet te veel opvalt. Een dienstmeisje komt naar hem toegelopen en zegt: ‘Hé, jij hoort toch ook bij die Jezus?’ En Petrus zegt: ‘Nee joh, ik ken die man niet.’ Maar de man die naast hem zit zegt: ‘Ik heb je toch bij hem gezien vorige week.’ Maar Petrus antwoordt: ‘dat moet iemand anders geweest zijn.’ Er komt iemand aangelopen met een lege kruik. Als hij de kruik naast Petrus neerzet en hem begint te vullen, kijkt hij Petrus aan en zegt: ‘Jij bent toch één van de leerlingen van die Jezus die ze net naar binnen hebben gebracht?’ Petrus staat op, schopt de kruik met water om en roept: ‘Ik heb die vent nog nooit gezien!’

28 maart 2013

De kus (The Passion deel 4)

‘Mannen wordt wakker.’ roept Jezus en hij schut zijn leerlingen één voor één wakker.
‘De man die mij gaat uitleveren is vlakbij’.

Daar staat Judas. Met achter hem tientallen mannen met fakkels, knuppels en zwaarden.
Gedachten schieten onrustig door zijn hoofd. Nu kan hij niet meer terug. Wat zullen ze met Jezus doen? Een tijdje gevangen houden, meer kan het toch niet zijn. Of zou deze daad echt tot zijn dood leiden? Maar dat is dan toch niet mijn schuld. Ik zorg er alleen maar voor dat hij wordt opgepakt. Ik ben toch niet verantwoordelijk voor wat ze verder met hem van plan zijn? Verdomme, waarom is het ineens allemaal zo gecompliceerd geworden.

27 maart 2013

In de tuin van Getsemane (The Passion deel 3)

Na de maaltijd lopen ze gezamenlijk naar de tuin van Getsemane. Behalve Judas, die is inmiddels zijn eigen weg gegaan. De tuin ligt midden in de stad tegen een helling. Het is een ware oase van rust tussen de drukke straten van Jeruzalem. Hier hoor je de krekels kraken en kun je uren staren naar de hemel. Maar Jezus heeft geen oog voor de sterren, hij is terneergeslagen. Er zijn van die momenten dat de onzekerheid hem overvalt en dat hij het zelf ook niet meer weet. Niemand begrijpt wat er moet gebeuren. Heel soms heeft hij het gevoel dat hij niet helemaal alleen is. Vorige week nog, toen Maria Magdalena zijn voeten waste met haar tranen en ze daarna zalfde met kostbare olie. Zou zij hem wel begrijpen?
Of zijn eigen moeder, Maria. Hij denkt terug aan hun ontmoeting, een paar dagen geleden. ‘Ik moet gaan’, had hij gezegd. ‘Ik weet het’, had zijn moeder geantwoord en hij had gezien hoe een traan over haar wang rolde. ‘Ik weet dat je moet gaan. Maar ik wil niet dat je gaat. had ze gezegd. En ze had hem omhelsd en hij had haar getroost.
‘Blijf bij me. Blijf alsjeblieft bij me’ had ze hem gesmeekt.

26 maart 2013

Judas (The Passion deel 2)

Judas moet naar buiten. Zijn hart klopt in zijn keel. Zweet breekt hem aan alle kanten uit. Zou Jezus het weten? Waarom laat hij dat dan op zo’n klote manier merken.
Het lijkt erop dat Jezus zich al volledig bij de situatie heeft neergelegd. Nou, als je zo laf bent, dan vraag je er ook om! Hij zal hem wel eens een lesje leren.
Eerst liep hij altijd voorop met zijn grootse ideeën over de liefde en nu laat hij zijn beste vrienden, die hun leven voor hem zouden geven, in de steek. Hij heeft het alleen nog maar over het vreselijke lijden dat hem wacht en over de dood.
Judas zucht diep. Wat is er overgebleven van die man die hij een aantal jaar geleden leerde kennen? Van die man met een visie en een droom voor deze wereld! Van de man die hem inspireerde. De man waarvoor hij zijn geboortegrond heeft verlaten en die hij jaren lang met hart en ziel heeft gevolgd…

25 maart 2013

Het laatste avondmaal (The Passion deel 1)


De maan staat hoog aan de hemel. Johannes sluit de deur achter zich en gaat bij de anderen aan tafel zitten. Het is de eerste dag van Pesach en Jezus heeft hen uitgenodigd voor een gezamenlijke maaltijd. Over de lange tafel ligt een linnen kleed. In het midden staan dertien bekers en liggen een paar broden. Alles staat klaar voor een oud ritueel waarmee ze de uittocht van het volk Israël uit Egypte herdenken. Maar er hangt een vreemde sfeer. De laatste dagen praat Jezus alleen nog maar over de dood. Johannes begrijpt het niet. Er is werkelijk geen enkele dreiging. Waarom is Jezus zo negatief over de toekomst?

9 maart 2013

Tunnelangst


In de verte gloeien rode lichten op. Dat wordt aanschuiven. Voor ons torent het Gothard-gebergte hoog uit boven de snelweg, de top getooid met witte pluimen. Een enorm massief, door mensen bedwongen met een nauwe doorgang. Een donkere tunnel met aan de andere kant een andere wereld. Mijn geduld wordt op de proef gesteld. Het vuur van mijn verlangen worden aangewakkerd. In mijn gedachten droom ik van de rust, warmte en zonneschijn aan de andere kant. Naast mij zit Ronald, het stuur stevig omklemd met zijn handen. Zijn knokkels wit, alsof zijn leven ervan af hangt. Ook hij is gespannen. Zou hij net zo graag weg willen uit dat grijze, nietszeggende leven dat we samen leiden? Ik voel dat er iets aan de hand is, maar ik weet niet hoe ik er over moet beginnen. Ik zit vol vragen, maar ben bang voor de antwoorden.

24 februari 2013

Bollengekte

Vandaag is het precies 9 jaar geleden dat mijn oma overleed aan de gevolgen van Alzheimer.
Het volgende verhaal gaat over haar.


Albertje van den Berg zit in haar stoel bij het raam en mompelt wat voor zich uit.
‘Wat een bende is het op straat. Het blad ligt echt overal. Als het zo door gaat kan er straks niemand meer in of uit. En er is ook niemand die even de moeite neemt om het op te ruimen.

Iedereen heeft het te druk.
Het is hier zo stil.
Laten ze me hier een beetje in mijn eentje zitten.’

24 januari 2013

De sneeuwvlok en de zon

In een vochtige atmosfeer, onder precies de juiste omstandigheden en op grote hoogte begin ik mijn leven. Ik ben nog maar net herboren en het eerste wat ik moet leren is loslaten. Zwevend tussen hemel en aarde laat ik los en maak ik een duizelingwekkende vrije val. En ik niet alleen, samen met mij arriveren luttele centimeters nieuw leven met een zachte landing op aarde.

In al mijn kwetsbaarheid doe ik mijn best om de schoonheid van het leven uit te stralen. Mijn kristallen reflecteren het licht dat mij aanraakt en laten mij maagdelijk wit schitteren. Ik kijk naar de plek waar al dat licht vandaan komt en zie een prachtige gouden bol.
Ik stel mij even voor. ‘Dag mooie gouden bol, ik ben een sneeuwvlok en wie ben jij?’
En de bol antwoordt: ‘Ik ben de zon. Ik laat mijn licht op jou stralen en verwarm je.’
Ik voel zijn warmte en bedank de zon dat hij er is.

10 januari 2013

Piccola Chiara

Het gebrek aan licht zorgt ervoor dat de immense ruimte van de Sint Ansfriduskerk intiem aanvoelt. In het midden branden drie kaarsen en een dozijn waxinelichtjes. Daaromheen zitten tien personen met hun ogen gesloten. Het is even stil. De matjes en kussens zorgen voor een zachte barrière tussen de koude grindtegels en het warme lijf dat zorgvuldig is ingepakt in een zachte deken.

Voorzichtig begin ik met het voordragen van de meditatie. Met de woorden schets ik beelden, die in ieders gedachte worden ingekleurd met een persoonlijk palet van geuren en kleuren. We gaan op reis, maar ieder naar zijn eigen bestemming.

30 december 2012

Verhaal van de rivier en de wolken

Het verhaal gaat over een klein stroompje dat van de berg afkomt. Het stroompje is nog klein en jong en wil zo snel mogelijk naar de zee. Het weet niet hoe het vredig moet stromen in het hier en nu. Het is gehaast omdat het zo jong is. Het heeft zich nog niet geoefend in ‘ik ben thuis’, ‘ik ben gearriveerd’. Het stroomt dus van de berg af naar beneden, bereikt de vlakte en wordt een rivier.

Omdat het een rivier geworden is moet het langzamer gaan en dit is irritant. De rivier is bang dat het nooit de zee zal bereiken. Maar omdat het gedwongen is om langzamer te gaan stroomt het water rustiger en begint het water de hemel en de wolken te weerspiegelen. Witte wolken, paarse wolken, donkere wolken. Er zijn zoveel schitterende vormen. De hele dag kijkt en volgt ze de wolken en raakt gehecht aan de mooie wolken.

24 december 2012

Herinnering aan een mooie kerstavond

Het is kwart over negen. Arm in arm met zijn vrouw loopt Nico de straat omhoog, richting de Ansfriduskerk. Elk jaar is dit de plek waar ze samen willen zijn. Waar ze samen met alle andere mensen  uit de wijk even willen stilstaan. Even uitblazen van de drukte van het afgelopen jaar. Ze komen niet vaak in de kerk. Soms te weinig tijd en dan weer dat gevoel dat er zo'n gat zit tussen het instituut en de manier waarop zij in het leven staan. Het is makkelijker om het grootste deel van het jaar de kerk te mijden. Ze praten er samen wel eens over, maar dan lijkt het alsof ze er gewoon niet uitkomen. De plek waar je als kind veel was, waar je leerde wat de waarde van het leven kan zijn, lijkt door alle kennis van hoe de wereld echt in elkaar steekt, geworden tot een verlengstuk van een machtig instituut. Maar toch...

20 december 2012

Laat jouw licht stralen


In de harten van de mensen leeft een eeuwenoud gerucht. Het is een verhaal dat al generaties lang wordt doorgegeven over een wereld die volmaakt was. Een wereld waarvan God zag dat zij goed was. Het is een hoopvol beeld dat ongelooflijk ver weg ligt van onze dagelijkse werkelijkheid.

Maar als een echo blijft het beeld van een liefdevolle wereld in ons doorklinken. Luister naar die echo en laat je raken door de vonk van de Liefde. Het geeft je de kracht die je nodig hebt om dit sprankje hoop met je mee te dragen, elke dag. En het als nieuw leven te laten groeien, zodat het je van binnenuit vervult.

Want als een klein en kwetsbaar kind, teer maar toch vol met zachte kracht, wordt het Licht steeds opnieuw in jou herboren. Zodat wat donker was en onbereikbaar, ineens in het volle licht kan stralen.

Het is een dunne draad van licht, een weg die de stem van je hart je wijst. Het brengt ons door de eeuwen heen, elke dag opnieuw, naar een heelheid. Een heelheid die de gebroken aarde bevrijdt. Het Licht wijst de weg naar een liefdevolle en vreedzame wereld. Laat jouw Licht stralen, elke dag.

15 december 2012

Herderstas

Afgelopen week is een boekje uitgekomen van Sjoerd Stellingwerf. Ik heb Sjoerd leren kennen tijdens de Schrijvershoek van Apeldoorn, waar ik het afgelopen half jaar schrijflessen heb gevolgd. Sjoerd is een deel van zijn leven herder geweest en heeft zijn herdersverhalen en gedichten gebundeld in het boekje Herderstas. Ik ben blij dat ik een bijdrage mocht leveren aan het tot stand komen van dit mooie boekje. 

Sjoerd ontmoet op 14-jarige leeftijd herder Jan Mojel met diens kudde in de Loenermark, op de Veluwe. Vanaf dat ogenblik is hij geboeid door het herdersleven. Het heeft te maken met de stilte en de schoonheid van het oude landschap. Later zal Eelke de Jong hem stimuleren om ook te gaan schrijven. In de jaren 1993-1998 is Sjoerd zelf herder in de Loenermark. Een periode van blijvende invloed. Ik deel graag één van zijn verhalen met jullie.